Conditioner gebruiken: ja of nee?

Door Zarqa | maandag 15 juli 2019

Iedereen wil het beste uit zijn haar halen. Voor sommigen betekent dit dat ze standaard een flinke klodder conditioner gebruiken. Voor glans, zachtheid en lekker kammen.  Anderen blijven er juist ver uit de buurt. Hun haar wordt er zwaar en vet van. Hoe zit dat? Ontdek de wereld van conditioners en kom erachter of deze haarverzorging onmisbaar is.

Hoe werken conditioners?

Conditioners hebben het imago dat ze het haar glad maken, ontklitten en laten glanzen. Hoe doen ze dat? Om daarachter te komen, zoomen we in op de haarschubben. De buitenste laag van je haar bestaat uit deze schubjes, die als dakpannetjes over elkaar liggen. Door wassen, drogen, kleuren, maar ook door de invloed van de zon, raken de schubben beschadigd. Ze slijten en het haar wordt kwetsbaar en droog. Conditioners maken het buitenste vlies van het haar, ook wel de cuticula genoemd, weer mooi glad en sluiten de haarschubben. Daarnaast kunnen bepaalde ingrediënten ook echt in het haar komen. Zo wordt het haar van binnenuit versterkt.

Er zijn drie ingrediënten die haar laten glanzen:

  1. Siliconen. Deze stoffen vormen een dun beschermlaagje rond de haarschacht. Met siliconen wordt het haar minder statisch, makkelijker te kammen en krijgt het haar meer glans. Siliconen vind je terug op de ingrediëntenlijst met deze termen: dimethicone, cyclomethicone en amodimethicone.
  2. Polymeren. Deze verbindingen vullen als het ware de gaatjes aan beschadigingen van de haarschacht op. Ze zijn het meest geschikt voor grof haar en kroeshaar. Bij dun haar kan dit ingrediënt er juist voor zorgen dat het haar slap wordt.
  3. Plantaardige oliën. Jojoba-olie of kokosnootolie worden vaak gebruikt als haarmasker of leave-in conditioner en zijn geheel natuurlijke ingrediënten. Ze maken het haar glanzend en makkelijk doorkambaar.

Wel of geen conditioner?

Conditioners zijn niet meer uit de badkamer weg te denken en nemen in het schap van de winkels een net zo grote plek in als shampoos. Wist je dat conditioner op de markt kwam door het gebruik van shampoo? In de 17e eeuw kwam het idee van shampoo door ontdekkingsreizigers van India naar Europa. Zo ontstonden de eerste kapsalons waar rijke mensen hun haar konden laten wassen met een mengsel van geraspte zeep, kruiden en water. Begin twintigste eeuw werd in Amerika en Engeland de vloeibare shampoo ontwikkeld zoals we die nu kennen.

Die eerste shampoos maakten ons haar best lekker schoon, maar liet het wel onhandelbaar achter. Stug, pluizig, vol met klitten … Dat is niet gek: als je je haren wast, gaan je haarschubben open staan. Het is alleen wel belangrijk die haarschubben na een wasbeurt weer te sluiten. Niet alleen om het minder te laten pluizen, maar ook om het te beschermen tegen invloeden van buitenaf. Je haar is namelijk erg kwetsbaar als de haarschubben open staan. Na de ‘ontdekking’ van shampoo ontstond er daarom ook een zoektocht naar ingrediënten die het haar weer glad maken en de haarschubben sluiten. Het resultaat: conditioner!

Een conditioner laat de haarschubben sluiten – je haar heeft het dus zeker nodig. Om die reden hoort dit product thuis in de badkamer. Maar … koud water heeft eigenlijk dezelfde werking. Sta je onder een warme douche en sluit je die af met een spoeling van koud water, sluiten de haarschubben ook. (Shampoo blijft wel altijd nodig, want alleen water ontvet niet!). Omdat koud water niet zo fijn is (brrr!) en omdat een conditioner veel extra werkzame ingrediënten bevat, is een conditioner voor je haar geen overbodige luxe.

4 feiten en fabels over conditioners

Over het wel en niet gebruiken van conditioner bestaan nog veel misverstanden. Tijd om die de wereld uit te helpen.

Fabel: Elk haartype heeft een andere conditioner nodig

In werkelijkheid is er niet veel verschil tussen producten die worden verkocht voor normaal, beschadigd, krullend of gekleurd haar. Sowieso kan ieder haartype baat hebben bij conditioner. Of je nu een slappe coupe, dikke bos krullen of kroeshaar hebt. Het is vooral een kwestie van zelf proberen en kijken welke conditioner jouw haar nieuw leven inblaast.

Feit: Breng conditioner alleen op de haarpunten aan

Je hoofdhuid produceert talg; dit zorgt voor glans en bescherming en maakt je haar langzaam vettig. Breng je dan ook nog conditioner aan op je hoofdhuid, dan wordt je haar ook sneller vet. De talg gaat minder snel van je hoofdhuid naar je haarpunten. Om die reden is het aan te raden om een conditioner niet als een shampoo te gebruiken en masseer het alleen in de haarpunten.

Fabel: Conditioner maakt je haar zwaarder

Dat hoeft helemaal niet. Meestal wordt je haar alleen zwaarder van conditioner als je die niet goed uitspoelt, te veel gebruikt, te lang laat intrekken of als je je hele haar insmeert met conditioner. Dat is natuurlijk niet de bedoeling!

Fabel: Eerst conditioner gebruiken is beter

Het was een tijdje een trend: reverse shampoo. Mensen brengen dan eerst conditioner aan, waarna ze het uitspoelen met shampoo. Het nadeel is dat conditioner bedoeld is om het haar te verzorgen en shampoo om het te reinigen. Draai je het om, dan laat je het haar kwetsbaar achter.

Mini-stappenplan

Gebruik je conditioner, volg dan dit mini-stappenplan:

  1. Was je haar met shampoo. Lekker soppen, uitspoelen en eventueel een keer herhalen.
  2. Knijp je haar goed uit. Overtollig water verdunt je conditioner en zorgt ervoor dat de ingrediënten minder goed hun werking kunnen doen.
  3. Breng de conditioner met lange bewegingen aan op de haarpunten. Vermijd de hoofdhuid.
  4. Laat de conditioner twee tot vijf minuten intrekken, dan heeft de conditioner zich aan het haar gehecht.
Spoel het uit en was je haar eventueel nog na met koud water. 

Wij gebruiken cookies, onder meer voor analyse en gebruiksgemak.